UMC Utrecht
SPvE Herontwikkeling UMC Utrecht en inzoom locatie nieuwbouw van het RMDH (Ronald McDonald Huis).
- Gevonden adres
- heidelberglaan 100
- Locatie
- exact adres Toon op kaart
- Coördinaten
- 52.08602049, 5.17960178
Vergaderingen (2)
-
9 jun. 2026
Verslag, pagina 6Aanvraag vooroverleg over het beeldkwaliteitsplan UMC
Samenvatting door AIBespreking van het beeldkwaliteitsplan (BKP) voor het UMC (Wurck), gebaseerd op 6 kernwaarden en de driedeling Lichaam, Huid, en Materiaal & kleur. Aandacht voor het bouwvlak van het Ronald McDonaldhuis, parkeergebouw, logistiek en de Hoofddijk.
Conclusie: Voldoet in principe. Het document is helder opgebouwd en biedt een goed richtinggevend kader, voorzien van enkele suggesties en aanbevelingen.
Brontekst4. Beeldkwaliteitsplan Herontwikkeling UMC Utrecht, noordzijde CvB Aanvraag vooroverleg over beeldkwaliteitsplan UMC Aanvraag : Gemeente Utrecht Ontwerp en toelichting : Wurck Aanwezig Gemeente : M. Paumen, G. van Lit Gespreksverslag In de vergadering zijn aanwezig de auteurs van het beeldkwaliteitsplan (wUrck), vertegenwoordigers vanuit het UMC en betrokkenen vanuit de gemeente. In het vooroverleg heeft de heer Van Lit (stedenbouwkundige van de gemeente) aangegeven hoe er is omgegaan met de eerdere reactie van de commissie op het SPvE. Het bouwvlak voor het Ronald Mc Donaldhuis is ruimer gemaakt, het staffelen van de gevel van het parkeergebouw is opgenomen, er zijn kaarten toegevoegd m.b.t. de logistiek en de verkeersafwisseling en er zijn opties gegeven voor de doorsnijding van de Hoofddijk (orthogonaal of organisch, maar niet haaks). De schetsen met voorbeelduitwerking zijn komen te vervallen. Een maximale footprint toegekend aan het paviljoen in het park. De commissie geeft aan dat dit een goede vertaling is van het eerdere commentaar. M.b.t. het paviljoen merkt ze op dat ze zich goed een paviljoen in twee bouwlagen kan voorstellen; liever een object dan een ‘pannenkoek’. Vervolgens wordt het beeldkwaliteitsplan (BKP) toegelicht. De basis voor het BKP zijn de 6 kernwaarden: • De Medical Campus krijgt een herkenbaar en eigen karakter als geheel. • De Medical Campus is onderdeel van het Utrecht Science Park. • Hoogwaardige en tijdloze architectuur. Kwaliteit staat centraal in zowel architectuur als openbare ruimte. • De openbare ruimte vormt het hart van de Medical Campus en is het verbindende element tussen alle gebouwen en daarmee het campuspark voor alle functies. • Alle gebouwen en openbare ruimten hebben een menselijke maat en zorgen voor een beleving op ooghoogte. • Gebouwen en openbare ruimte worden verbonden door een herkenbare overgangszone tussen binnen en buiten. De richtlijnen voor de gebouwde omgeving zijn opgebouwd volgens drie samenhangende onderdelen: • Lichaam – de hoofdvorm, massaopbouw en positionering van het gebouw of bouwdeel • Huid – de gevelcompositie, ritmiek en transparantie • Materiaal & kleur – de materialisering en kleurstelling van het gebouw • Deze driedeling zorgt voor een heldere en consistente beschrijving van de beeldkwaliteit op verschillende schaalniveaus. Conclusie: Voldoet in principe De commissie kan zich goed vinden in het voorgestelde beeldkwaliteitsplan. Het document is helder opgebouwd en biedt een goed richtinggevend kader voor de begeleiding van initiatieven en de toetsing van bouwplannen. De ambities en de concrete ontwerprichtlijnen geven enerzijds een duidelijke richting en bieden anderzijds een zekere interpretatieruimte voor architecten en de commissie. De commissie heeft een aantal suggesties en aanbevelingen voor de optimalisatie van het plan. Ze verwijst naar haar reactie. De commissie reageert als volgt: • De uitgangspunten voor het landschap en de inrichting van de openbare ruimte worden steeds helderder. Gelet op de variatie in het gebied (de Waterlinie, de groene wig, de thematische tuinen en de logistiek) zijn de opgaven voor de inrichting zeer ingewikkeld. Hoe helderder de uitgangspunten, hoe beter. • De verkeerskundige aspecten (inclusief de bevoorrading) zijn opgenomen in het stedenbouwkundige plan. De commissie raadt aan ook uitgangspunten voor de beeldkwaliteit op te nemen. Meer handvat is gewenst (hierin zijn meerder opties denkbaar). • De doorsnede met gradiënten is erg belangrijk en de commissie raadt aan het ‘omgaan met de derde dimensie’ specifiek te benoemen. Het is goed om het thema ‘gelaagdheid’ te benadrukken en mee te geven aan de ontwerpers (elke plek is daarin anders). Ook raadt ze aan het 3D principe van het parkeergebouw toe te voegen. • M.b.t het parkeergebouw adviseert de commissie referenties toe te voegen die aansluiten op de gebouwtypologie die hier aanwezig is, ofwel duidelijk aan te geven wat zeker niet de bedoeling is. Voor de plintlaag raadt de commissie aan om programma mogelijk te maken dat meer is dan parkeren. De parkeergarage moet een gebouw worden dat reageert op de specifieke positie (de staffeling is essentieel en dient duidelijk zichtbaar te zijn). Het gebouw heeft een belangrijke rol in de begeleiding van de ruimte en een aantrekkelijke uitstraling is essentieel. De commissie geeft in overweging afstanden tussen entrees vast te leggen (nu indicatieve ‘vlekken’ op de kaart). • De commissie mist richtlijnen voor signing en voor installaties (zowel in relatie tot de gebouwen als in de openbare ruimte). Zichtbare installaties moeten te allen tijde voorkomen worden. Integratie in architectuur en in de ontwerpen voor de openbare ruimte is essentieel. • Vanuit duurzaamheidsperspectief adviseert de commissie ook de mogelijkheid voor en wenselijkheid van het toepassen van hergebruikte materialen toe te voegen (herbruikbaarheid van materialen wordt genoemd, maar het toepassen van hergebruikte materialen niet). De commissie merkt op dat het duurzaamheidsthema nog wat onderbelicht is. Ze adviseert de ambities zoals die zijn opgenomen in het SPvE ook te noemen (en/of te vertalen) in het BKP. Een reactie op dit advies kan worden afgestemd met het secretariaat van de commissie. De commissie ziet het door de raad vastgestelde document (als toetsingskader) tegemoet.- Kenmerk (deze vergadering)
- geen
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- onbekend
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/2266
-
14 apr. 2026
Verslag, pagina 4SPvE Herontwikkeling UMC Utrecht en inzoom locatie nieuwbouw van het RMDH (Ronald McDonald Huis).
Toon deze vergaderingVerberg deze vergadering
Samenvatting door AIDe stedenbouwkundige licht het SPvE toe, waaronder de nieuwe zonering (noordelijke zone voor patiënten/zorgverlening met centrale ontvangst rond de Hoofddijk als 'healing environment', zuidelijke zone voor onderwijs en onderzoek). Dit vraagt om verplaatsing van parkeerplaatsen, nieuwbouw van een parkeergebouw en het entreegebouw, en verhuizing van het RMDH. De commissie heeft opmerkingen over de bouwenveloppe van het parkeergebouw en het RMDH, mobiliteitsaspecten, doorsnijdingen van de Hoofddijk, de landschappelijke invulling en duurzaamheidsaspecten.
Brontekst3. SPvE Herontwikkeling UMC Utrecht (en inzoom locatie nieuwbouw van het RMDH) Vooroverleg CvB Aanvraag : Gemeente Utrecht Ontwerp en toelichting : UMC Utrecht Aanwezig Gemeente : Gregor van Lit, Marjolein Paumen, Hedzer Pathuis (zie verslag 14/10 2025) Gespreksverslag In de vergadering aanwezig zijn de stedenbouwkundige van de gemeente, de projectleiders en een vertegenwoordiging vanuit de UU en het USP. De stedenbouwkundige geeft een toelichting op het SPvE. De commissie wordt gevraagd hierop te reageren voordat het de bestuurlijke routing ingaat. Concreet behelst de visie een nieuwe zonering met een noordelijke en zuidelijke zone. De noordelijke zone is gericht op patiënten en zorgverlening. Het gebied rondom de Hoofddijk wordt darbij het nieuwe centrale ontvangstgebied van alle aangrenzende ziekenhuizen en krijgt een representatieve en hoogwaardige uitstraling. Dit gebied wordt de gezamenlijke ‘voortuin’ van alle ziekenhuizen en ingericht als een ‘healing environment’ met een parkachtig karakter en heldere fiets- en looproutes. Dit gebied maakt onderdeel uit van het Medical Campuspark. De zuidelijke zone is gericht op onderwijs en onderzoek. Deze ‘omklap’ van het entreegebied van het UMC Utrecht vraagt een aantal ingrepen. Als eerste moeten de parkeerplaatsen van de huidige parkeergarage aan de zuidzijde van het UMC Utrecht worden verplaatst naar de noordzijde. Het nieuwe parkeergebouw wordt gerealiseerd op de plek waar nu de medewerkersgarage UMC Utrecht ‘P-noord’, het Ronald Mc Donaldhuis (RMDH) en een dienstengebouw van het UMC Utrecht staan. Het RMDH is hierdoor genoodzaakt te verhuizen naar en nieuwe plek vlak naast het WKZ en de Hoofddijk. Aan de noordzijde van het UMCU komt het nieuwe entreegebouw. Deze ontwikkeling is nodig vanwege de benodigde schuifruimte voor de interne verbouwing van het UMC Utrecht. Naast de nieuwbouw van het entreegebouw zal het huidige gebouw voor psychiatrie te zijner tijd worden gesloopt en zal psychiatrie elders terugkeren in het ziekenhuis. De Hoofddijk, die deel uitmaakt van het UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies, is een belangrijk cultuurhistorisch landschapselement in dit geheel, met een aantal bijzondere plant- en diersoorten. Zodra de gebouwen voor psychiatrie gesloopt worden ontstaat er een royale ‘groene wig’. De commissie reageert als volgt: • Het SPvE en de uitgangspuntenkaart bieden een goed kader voor de uitwerking van de deelontwerpen. Op een aantal punten heeft de commissie vragen en opmerkingen. De stedenbouwkundige geeft aan deze nader te bestuderen. • De bouwenveloppe voor het enorme parkeergebouw roept de vraag op of de gewenste verstaffeling als uitgangspunt kan worden opgenomen in de tekst. De gewenste karteling is nu niet genoemd en een lange vlakke gevel zou zeer ongewenst zijn. De commissie adviseert de doelen helder te beschrijven in het SPvE. Schaalverkleining, ruimte tot de Hoofddijk en begeleiding van het groen zijn belangrijke uitgangspunten. Het is goed dat er een 50% bebouwingszone is opgenomen zodat de architect vrijheid heeft er een eigen invulling aan te geven. • De bouwenveloppe voor het RMDH oogt daarentegen juist wat ‘te strak’. De commissie heeft eerder opmerkingen gemaakt over het ontwerp en er moet planologische ruimte blijven voor de architect om het ontwerp aan te passen en te optimaliseren (‘er moet altijd ruimte blijven voor betere oplossingen’). • De mobiliteitsaspecten roepen nog veel vragen op. Het is erg belangrijk de ontsluiting goed te sturen en duidelijk te maken wat de bedoeling is, bijvoorbeeld rond het scheiden van ‘medische voorrijdmogelijkheden’ en overig halen en brengen. • Het is voor de commissie daarnaast nog niet goed inzichtelijk hoe vaak de Hoofddijk doorsneden moet worden. De Hoofddijk vormt een krachtig gebaar en er zouden niet meer overstekingen moeten komen dan strikt noodzakelijk. Ook de vormgeving daarvan luistert nauw. De commissie adviseert een tweede profiel toe te voegen met de principes van aansluitingen en doorsnijdingen. Er worden nu veel trechtervormige afrondingen voorgesteld die leiden tot een verstoring van het profiel van de Hoofddijk. Op deze manier ontstaan er juist hele grote vlakken die het profiel van de dijk doorsnijden. Het is belangrijk de onsluitingen hierop te toetsen (niet alleen de doorsnijdingen, maar ook de parallelle routes). • Met betrekking tot het landschap wordt nu een ‘romantische invulling’ gesuggereerd. De commissie adviseert de doelen m.b.t. de beeldtaal/uitstraling en de gewenste functionaliteit op te nemen in het document, om te voorkomen dat de voorbeelduitwerking als richtinggevend of zelfs bindend wordt beschouwd. Het uitgangspunt niet meer verharding te brengen dan strikt noodzakelijk wordt van harte ondersteund. De komst van de royale groene wig wordt gewaardeerd. Aangeraden wordt om het sterretje voor het paviljoen op de plankaart zodanig te definiëren dat er geen te groot gebouw kan worden teruggebouwd. • Vanuit duurzaamheidsoptiek is de sloop van twee bestaande parkeergebouwen en de bouw van een fors nieuw parkeergebouw moeilijk te rijmen. De intentie om zo veel mogelijk materialen te hergebruiken wordt uiteraard ondersteund. In het SPvE zijn op este aspect veel bruikbare uitgangspunten opgenomen. Er is ook sprake van bovenwettelijke uitgangspunten. De commissie adviseert dit zodanig te borgen dat er vastgehouden kan worden aan de uitgangspunten en er hierop invloed mogelijk blijft. Op dit aspect is overigens in deze fase nog veel te bereiken en veel te winnen. De commissie ziet de vervolgstappen met belangstelling tegemoet. Ze geeft nog mee dat het toekomstige BKP qua kleurstelling (wit en grijstinten) in haar optiek niet te nauw ingekaderd hoeft te worden zodat er geen wenselijke materiaalkeuzes bij voorbaat uitgesloten worden.- Kenmerk (deze vergadering)
- geen
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- verslag 14/10 2025
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/2100