Moreelsepark 1
Voorlopig ontwerp alternatieve oplossing ontsluiting souterrain
- Gevonden adres
- moreelsepark 1
- Locatie
- exact adres Toon op kaart
- Coördinaten
- 52.08868324, 5.11382185
Vergaderingen (3)
-
30 mei 2023
Verslag, pagina 3Vooroverleg verduurzaming en restauratie gevel en activeren souterrain (Rijksmonument)
Samenvatting door AIDe architect en opdrachtgever lichten de nadere uitwerking toe van de concepten die eerder zijn besproken. Men wil het pand restaureren, aluminium kozijnen vervangen door houten kozijnen, isolatie aan de binnenzijde aanbrengen, en de trap naar het souterrain vormgeven als een 'modern meubelstuk'.
Conclusie: De commissie is in navolging op eerdere adviezen enthousiast over de hoofdopzet en uitgangspunten. Er zijn adviezen meegegeven voor de verdere uitwerking van kleurgebruik, detaillering en buitenzonwering.
BrontekstEGM Moreelsepark 1 (Rijksmonument) VON-23-17383 Vooroverleg verduurzaming en restauratie gevel en activeren souterrain Aanvraag : ASR Ontwerp : EGM De architect en zijn opdrachtgever zijn in de vergadering aanwezig en geven een toelichting op het voorstel. Het betreft een nadere uitwerking van de concepten die eerder besproken zijn. Men is voornemens het pand te restaureren en de aluminium kozijnen te vervangen door houten kozijnen (men wil dicht bij het oorspronkelijke beeld komen). Isolatie zal aan de binnenzijde aangebracht worden (details worden gereconstrueerd) en de trap naar het souterrain is verder uitgewerkt en vormgegeven (‘modern meubelstuk’). Er is een studie gedaan naar de oorspronkelijke kleuren. Het vervangen van ramen zal gefaseerd uitgevoerd worden. In navolging op de eerdere adviezen is de commissie enthousiast over de hoofdopzet en de uitgangspunten. Er is veel waardering voor de zorgvuldige aanpak. De positie van de trap is verbeterd en blijft nu los van de hoofdstructuur van het trappenhuis. Door de monumentale trap in ere te herstellen ontstaat er een betere hiërarchische balans tussen de oorspronkelijke onderdelen en de nieuwe toevoegingen. Het principe voor de isolatie aan de binnenzijde en de aanpak (en fasering) van het vervangen van de ramen zijn ook akkoord. Op detailniveau zijn er nog vragen en opmerkingen en daarnaast moet ook de afdeling Erfgoed het voorstel nog beoordelen. Voor de verdere uitwerking adviezen de commissie: • Een totaalbeeld qua kleurgebruik te maken Het huidige kleuronderzoek is nog te beperkt, hierin kan meer precisie worden aangebracht. Zowel voor het interieur als voor het exterieur. De commissie raadt aan meerdere elementen te onderzoeken. Dit gaat ook over de kleur van de gevel zelf. Verwacht wordt dat er vroeger meer eenheid en samenhang was de verschillende elementen. Een contrast met wit en donkergroen lijkt niet oorspronkelijk. Vermoedelijk had het pleisterwerk een zachtere kleurstelling (de suggestie van zandsteen). Voor interieur geldt dat er vermoedelijk samenhang was tussen de spijlen en de trapbomen (okergeel). Ook de kleurstelling van de trapbekleding speelt een belangrijke rol in het totaalbeeld. • De detaillering van verschillende onderdelen te optimaliseren Het gaat hierbij over het zoveel mogelijk voorkomen van een duidelijk zichtbare stapeling van kozijnen en onderdorpel. Ook het stopverfdetail kan meer worden benaderd (scherpere afschuining). -Het zoveel mogelijk hergebruiken van houten lijstwerk en andere (te hergebruiken) elementen. -En het consequent doordenken van de aansluitingen en overgangen bij de binnengevelisolatie. Ten aanzien van de schouwzaal vindt de commissie het belangrijk dat de pilasters herkenbaar blijven en dus aan twee kanten vrijstaan. Wellicht kan het plafond wat terugliggend worden aangebracht om de structuur zichtbaar te houden. Bij de vervolgstappen ziet de commissie graag nog informatie over de buitenzonwering ter bespreking tegemoet. Bij het nadere kleuronderzoek raadt ze aan de meerdere fases en het toekomstige eindbeeld in beeld te brengen. Voor het werken in fasen is er begrip, met daarbij de vraag hoeveel tijd er tussen de verschillende fasen zit.- Kenmerk (deze vergadering)
- VON-23-17383
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- concepten die eerder besproken zijn
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/997
-
10 jan. 2023
Verslag, pagina 3Voorlopig ontwerp alternatieve oplossing ontsluiting souterrain van een rijksmonument
Toon deze vergaderingVerberg deze vergadering
Samenvatting door AIDe commissie waardeert de zorgvuldige studies naar alternatieven om het souterrain te activeren, maar wijst de minimalistische trap, de spiltrap en de paternoster-variant af vanwege een te grote aantasting van de monumentale hiërarchie en het trappenhuis.
Conclusie: Vooroverleg. De commissie concludeert dat het alternatief 'meubelstuk' de voorkeur heeft, omdat dit model de monumentale trap in zijn hoofdrol laat en de souterraintrap als een passende tweede lijn toevoegt, mits verdere studie plaatsvindt naar de vloer en het startmoment van de trap.
BrontekstC3 Moreelsepark 1 (Rijksmonument) [Binnenstad] VON-23-00572 (B) Voorlopig ontwerp alternatieve oplossing ontsluiting souterrain Aanvraag : ASR Ontwerp : EGM (zie notulen 15/11 2022) Vooroverleg De heren Van den Berg en Van Houte zijn in de vergadering aanwezig en geven een toelichting op de op de ontwerpopgave en de historie van het pand. De heer Niemeijer is namens de opdrachtgever aanwezig. In navolging op het advies van 15 november 2022 zijn er voor de doorbraak naar het souterrain verschillende alternatieven onderzocht. Deze ontwerpen worden gepresenteerd. Conclusie De commissie heeft eerder aangegeven zich te kunnen vinden in het activeren van het souterrain en ze begrijpt ook de wens voor het aanbrengen van een ruimtelijke (zicht)relatie. Dat het gebouw ‘toekomstbestendig’ wordt gemaakt verdient waardering. De aanpak en de studies zijn zorgvuldig en inzichtelijk. De commissie geeft per voorstel haar reactie om zo ook de Rijksdienst inzicht te geven in haar overwegingen. -Minimalistische trap (voorkeur architect): De commissie vindt het ‘gat’ in de vloer te groot en dit wringt met de oorspronkelijke hiërarchie in het trappenhuis. Het souterrain had eerder geen prominente rol en in dit voorstel wordt de identiteit van het bestaande trappenhuis in haar optiek te veel aangetast. -Spiltrap: De commissie deelt de conclusie van de architect dat de ruimte te klein is voor en dergelijk gebaar. Het ging haar overigens ook niet om een spiltrap in een uitgesneden vloervlak, maar om een ronde vloeropening en een ronde trap. De ruimte lijkt hiervoor echter te beperkt. -Paternostertrap: Hoewel dit een doordacht idee is, betekent de ingreep meer verlies aan monumentwaarden. Er worden immers ook zijwanden geopend. Daarnaast is de vindbaarheid niet optimaal. De vide vraagt in dit voorstel erg veel aandacht. In de zoektocht naar verbinding, zichtrelatie, het activeren van het souterrain en het respecteren van de hiërarchie in het trappenhuis komt de commissie tot de conclusie dat het voorstel ‘meubelstuk’ alsnog haar voorkeur heeft. De getoonde reeks maakt duidelijk dat dit voorstel het meest in balans is qua ‘geven en nemen’ c.q. ‘toevoegen en snijden’. In dit voorstel is de trap smaller dan bij de ‘minimalistische variant’ en het zichtbaar maken van de identiteit van de benedenwereld oogt toch als het meest logisch en vanzelfsprekend. De trap heeft een zekere massa nodig en de gesloten balustrades dragen daaraan bij. In dit voorstel blijven de kolommen het meest op zichzelf staand zodra zij eindigen op vloerniveau. In de meubelvariant behoudt de monumentale trap haar hoofdrol en is de trap naar het souterrain van een ander orde (tweede lijn). Door de gekozen symmetrie is de trap echter wel goed zichtbaar en effectief qua gebruikswaarde. Dit voorstel vergt nog een studie naar de vloer en het startmoment van de trap. In het huidige voorstel heeft de trap iets te veel associatie met een roltrap. Dat kan worden voorkomen in de uitwerking. De commissie ziet de vervolgstappen tegemoet en verwijst nog naar het eerdere verslag m.b.t. de overige ingrepen en het gewenste kleuronderzoek.- Kenmerk (deze vergadering)
- VON-23-00572
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- notulen 15/11 2022
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/960
-
15 nov. 2022
Verslag, pagina 3Voorlopig ontwerp alternatieve oplossing ontsluiting souterrain
Toon deze vergaderingVerberg deze vergadering
Samenvatting door AIHet souterrain van het rijksmonument wordt heringericht voor werkplekken. Verschillende varianten voor een trap naar beneden vanuit de keizerlijke trap zijn onderzocht. De afdeling Erfgoed kon zich niet vinden in de eerste variant, waarna varianten twee en drie zijn opgesteld.
Conclusie: De commissie kan zich nog niet vinden in de huidige voorstellen (V1-3) voor de verbinding met het souterrain vanwege de hiërarchie in het trappenhuis. Ze adviseert alternatieven te onderzoeken en doet opmerkingen over ramen, markiezen en isolatie.
BrontekstD2 Moreelsepark 1 (Rijksmonument) [Binnenstad] (B) Voorlopig ontwerp alternatieve oplossing ontsluiting souterrain Aanvraag : ASR Ontwerp : EGM Het souterrain van het rijksmonument wordt heringericht, zodat mensen van buiten gebruik kunnen maken van de aanwezige werkplekken. De centrale ruimte in het souterrain met rondgang wordt hiervoor hersteld en via daklichten komt het licht in de zijkanten de ruimte in. In het middendeel van de keizerlijke trap stellen architecten Van den Berg en Van Houten de trap naar beneden voor. De afdeling Erfgoed kon zich niet vinden in de eerste variant, die in het hart ligt van de bestaande trap, omdat deze te veel met de keizerlijke trap concurreert. In een tweede variant ligt de trap verder terug en is de leuning terughoudender vormgegeven. De vloer is hier open, zodat een zichtrelatie met het souterrain ontstaat. In een derde optie is de vloer dichtgezet en is het trapgat voorzien van afgeronde hoeken. De houten kozijnen in de gevel worden waar mogelijk behouden en zo nodig vervangen door een aluminium variant met tripple glazing. Aan de binnenzijde komt een isolatiepakket, waardoor de vensterbank verdiept. Conclusie De commissie waardeert het grondige onderzoek en de gelaagdheid van het pand heeft men ‘goed in de vingers’. Het pand is door de jaren heen veelvuldig gewijzigd en het zoveel mogelijk terugbrengen van oorspronkelijke karakteristieken betekent winst voor het monument. Het voorgestelde hergebruik van het souterrain en de transformatie daarvan zal een nieuwe tijdlaag gaan geven. Dat hiervoor aanpassingen nodig zijn is denkbaar, mits de aanpassingen met respect voor de monumentwaarden worden ingepast. De commissie kan zich nog niet vinden in de huidige voorstellen (V1-3) voor de verbinding met het souterrain. Ze ziet echter wel goede mogelijkheden en ze raadt daarom aan alternatieven te onderzoeken. Ook op detailniveau zijn er vragen en opmerkingen. De commissie geeft hierbij de volgende overwegingen: -Doorbraak naar souterrain De commissie kan zich vinden in het activeren van het huidige souterrain en ze begrijpt de wens voor het aanbrengen van een ruimtelijke (zicht)relatie. De voorstellen V1 en V2 wringen echter met de oorspronkelijke hiërarchie in het trappenhuis. De commissie heeft grote moeite met de positie van de trap in de centrale as. De trap werkt op die manier als ‘dominante rode loper’ naar het souterrain. Terwijl het souterrain van origine geen prominente rol had. V3 toont het andere uiterste waarbij het ‘gat in de vloer’ te weinig uitnodigend en betekenisvol oogt. De commissie erkent dat het een lastige opgave is de beide werelden met elkaar te vervlechten op een gebalanceerde manier. Ze adviseert alternatieven te onderzoeken. Bijvoorbeeld: het creëren van twee trappartijen vanuit de rondgang (de vides), het werken met een ‘balkon’ en de positionering van de trappen aan de zijkanten (wel een genereus gebaar, maar geen trap in de centrale as), V1 als basis nemen en deze strikt minimalistisch uitwerken (de hiërarchie zit dan in de gerestaureerde oorspronkelijke trap met bekleding en balusters versus een zo abstract mogelijke, terugliggende snede naar het souterrain). Wellicht is het ‘in etappes’ afdalen een optie en tevens wordt verwezen naar Tate Britain en Kasteel de Haar waar bijzondere- Kenmerk (deze vergadering)
- geen
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- onbekend
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/946