Wolvenplein
Vooroverleg Commissie Omgevingskwaliteit voor de herontwikkeling van de gevangenis
- Gevonden adres
- wolvenplein
- Locatie
- locatie bij benadering — alleen straat Toon op kaart
- Coördinaten
- 52.09696539, 5.12492975
Vergaderingen (3)
-
8 jul. 2025
Verslag, pagina 3Vooroverleg Commissie Omgevingskwaliteit voor de herontwikkeling van de gevangenis
Samenvatting door AIDe architecten lichten het deels gewijzigde ontwerp toe. Er is gekozen voor een nieuwe baksteenkleur en het geheel is rustiger gemaakt door onder andere kleinere ramen en vereenvoudigde galerijen. Ook de inrichting van de buitenruimte en het groen worden besproken.
Conclusie: Voldoet onder voorwaarden
Brontekst2. Wolvenplein CvB / VON-23-08718 Vooroverleg Commissie Omgevingskwaliteit voor de herontwikkeling van de gevangenis Aanvraag : gemeente Utrecht Ontwerp : BiermanHenket en Karres en Brands Toelichting : architecten Bierman en Bos (BiermanHenket) en landschapsarchitect Vedder (K&B) Aanwezig : Greetje de Jager, Linda Kuik en Jona Geers (gemeente Utrecht), Maarten Langeveld, Tim Jansen en Abbe Plijnaar (Levenslang), Geert Fleuren (AM), Tijmen Hamerslag (Clavevastgoed) en Paul Godfroy (UrbanSynergy) (zie verslag 18/02 2025) Gespreksverslag De architecten geven een toelichting op het deels gewijzigde ontwerp. Voor de nieuwe gebouwen is een baksteenkleur gekozen die refereert aan de rode elementen die al in de gebouwen aanwezig zijn. De hartenkreet om het geheel rustiger te maken is ter harte genomen. Dit betreft het verkleinen van de ramen in de bestaande muren (de kop van het complex oogt hierdoor meer gesloten), het ereenvoudigen (en inkorten) van de galerijen om meer lucht in het plan te krijgen en meer ingetogenheid in de gevelopeningen van de hofwoningen. Voor de voorgevel wordt een restauratieve aanpak nagestreefd. Het nut en de noodzaak van de Werkplaats zijn nogmaals onderzocht en aangetoond (bijeenkomsten, vergadering en verbinding door het gehele plan). Het observatorium is vergroot waardoor de gebruikswaarde toeneemt. Ook wordt het plan voor de inrichting van de buitenruimte toegelicht. Ingegaan wordt op de sferen in de verschillende hoven en de routes en verbindingen. Op deze locatie komen park en Singel samen. Het is de intentie het voorplein zoveel mogelijk te vergroenen (organische vormgeving). De erfgoeddeskundige van de gemeente geeft aan dat er goed gereageerd is op de eerdere adviezen en dat de Rijksdienst een positief conceptadvies heeft uitgebracht (met een aandachtspunt m.b.t. de uitvoering van de zonnepanelen). Het formele advies moet nog volgen. Conclusie: Voldoet onder voorwaarden De commissie spreekt de complimenten uit voor het plan. Er is goed gereageerd op de eerdere vragen en opmerkingen en het totaalbeeld is zeer overtuigend. Het betreft een zorgvuldig plan waarbij zowel architectuur als landschap op elkaar zijn afgestemd. De nieuwe kleurkeuzes leveren een mooi en prikkelend resultaat op: nieuw en toch passend bij de context. Het complex zal een aanwinst worden voor de stad. De commissie ziet in het ontwerp een goede basis voor de verdere uitwerking en de aanvraag om omgevingsvergunning. Ze stelt daarbij de voorwaarde dat op een aantal onderwerpen nog nader onderzoek wordt verricht (het voorplein, de fietsenstalling inclusief de aansluiting op de brug, de hekwerken en de expressie van het observatorium). De commissie verwijst naar haar reactie. De commissie reageert als volgt: Het grotere abstractieniveau van de nieuwbouw ten opzichte van de gevangenismuur spreekt aan en de voorgestelde kleur sluit goed aan. De commissie geeft in overweging de abstractie nog te vergroten door het staande metselwerk in de beëindiging van de gevel achterwege te laten. De nieuwbouw is stoer en het is de vraag of de extra horizontale belijning nodig is. Bij de hofwoningen wordt in relatie tot de kapel de vraag gesteld of het stucwerk achterwege gelaten kan worden en de plinten in metselwerk uit te voeren zodat de blokjes landen op het maaiveld. In aansluiting hierop geeft de commissie in overweging de achtergevels van de voorgebouwen aan het plein te keimen als daarvoor een voldoende basis aanwezig is (‘stucwerk poetst immers alles weg’). Aangegeven wordt dat niet alle gevels zijn opgetrokken uit schoon metselwerk (waren binnengevels) en dat het zeker niet de bedoeling is om alles te ‘strak’ te maken. Uitgangspunt is levendig stucwerk. De commissie adviseert bij het observatorium meer openheid in de zijgevels aan te brengen. Ze begrijpt de richting, maar ze wijst erop dat meer zicht op de omgeving een toegevoegde waarde zal hebben. Het observatorium had ooit een alzijdige uitstraling. De commissie begrijpt de argumentatie m.b.t. de pergolaconstructie (scherm/coulissen i.r.t. hotel) en volgt de uitgangspunten voor de hekwerken (één familie, niet te veel associatie met gevangenis en poedercoaten in een nog te bepalen grijstint). Voor de commissie is het behoud van een zekere rust ook een belangrijk uitgangspunt. De komst van substantieel verticaal groen wordt uiteraard omarmd. De commissie is positief over het inrichtingsplan. Het betreft een zorgvuldig voorstel. Bij de verdere uitwerking adviseert ze de materialen van gebouwen en bestrating goed op elkaar af te stemmen. Daarnaast vraagt ze aandacht voor alle hekwerken en valbeveiligingen. Ook het hekwerk buitenom en hoe zich dat verhoudt tot de hekwerken in de binnenwereld. Het is van belang de binnenhoven openbaar toegankelijk te houden. De aansluiting op de brug is een sleutelplek in het plangebied. Hier komt van alles bij elkaar (fietsenstalling (deels in bestaande bebouwing), fietsnietjes, de aanlanding van de brug en de verbinding met het voorplein). De commissie ziet de verdere uitwerking hiervan ter bespreking tegemoet. Voor het voorplein adviseert ze ook verblijfsplekken te maken met bijvoorbeeld bankjes. De exacte keuze voor de zonnepanelen, de randdetails en de brandveiligheidsaspecten vragen nog aandacht in de uitwerking. De architect aan dat matte panelen het uitgangspunt zijn. De commissie ziet de vervolgstappen met belangstelling en vertrouwen tegemoet.- Kenmerk (deze vergadering)
- VON-23-08718
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- verslag 18/02 2025
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/1610
-
18 feb. 2025
Verslag, pagina 1Vooroverleg Commissie Omgevingskwaliteit voor de herontwikkeling van de gevangenis
Toon deze vergaderingVerberg deze vergadering
Samenvatting door AIDe commissie spreekt de complimenten uit voor het plan en de cultuurhistorische aanpak, maar heeft opmerkingen over de architectonische uitwerking van de nieuwbouw (vraagt om meer contrast en abstractie, minder vervlechting met de muur), de inpassing van de werkplaats, het observatorium, de rust in de binnengevels en voorhof, het landschapsplan en de duurzaamheidsambities.
Conclusie: Positief over het concept en de hoofdopzet, maar het plan behoeft op diverse onderdelen (architectuur nieuwbouw, werkplaats, landschap, duurzaamheid) een verdere uitwerking en aanpassing.
Brontekst1. Wolvenplein (Rijksmonument) CvB / VON-23-08718 Vooroverleg Commissie Omgevingskwaliteit voor de herontwikkeling van de gevangenis Aanvraag : Levenslang/AM Ontwerp : BiermanHenket en Karres en Brands Toelichting : Joep van Ast en Armand Bos (BiermanHenket) Aanwezig : Greetje de Jager (gemeente Utrecht), vertegenwoordiging vanuit de opdrachtgevers (AM en Levenslang). Gespreksverslag In de vergadering zijn BiermanHenket architecten aanwezig en een vertegenwoordiging namens de eigenaren. De architecten lichten het voorstel toe. Uitgangspunten zijn: het herstellen van de historische structuur, het complex openen voor publiek, restauratie van de monumentale gebouwen, het herstellen van het Singelpark (groenstructuur en autovrije hoven) en het toevoegen van nieuwe bouwvolumes achter de bestaande gevangenismuren. Het betreft een transformatie van de voormalige gevangenis naar een “Dorp in de stad”. Met een mix van woonvormen (koop/huur groot/klein) en functies. Aansluitend komen verschillende thema’s aan bod (de strategie voor het fietsparkeren, de eerste doorkijk voor duurzaamheid, het functieschema, architectonische uitwerking, renovatie). Het is een voorlopig ontwerpstadium, maar de stedenbouwkundige hoofdopzet is met de bouwenveloppe vastgesteld. Op conceptueel niveau is het uitgangspunt om alle geveldoorbraken op een gelijke manier aan te pakken (door middel van een goed afleesbare nieuwe tijdslaag). In het kruisgebouw (Panopticum) wordt gestreefd naar meer licht. De lichtkappen worden hersteld, puien worden verplaatst en er komen plaatselijke tussenvloeren. Onder de hof aan de noordzijde is het de bedoeling een ‘werkplaats’ te realiseren. In de horeca en in het hotel wordt een nieuwe houten, waaiervormige, draagconstructie aangebracht. Er komen nieuwe vensteropeningen in de oude gevangenismuur (uitzicht op singel en stad), een vide en een kleine opbouw. Vervolgens worden de ingrepen in hof, werkplaats en kapel toegelicht. Voor de nieuwbouw is gekozen voor metselwerk in een lichte kleurstelling. Het uitgangspunt is luchtige en sobere gebouwen te maken met verfijningen in het metselwerk (neggen, verbanden, details). Bij de huurwoningen is gekozen voor houten, vergroende galerijen met een pergolastructuur aan de hofzijde. Aan de andere zijde wordt een vlakke gevel beoogd (op enige afstand van de muur) die relatie zoekt met openingen in de muur. De openingen in de gevangenismuur volgen het ritme van de woningen. In het ‘voorgebouw’ zijn meerdere tijdlagen zichtbaar. De plint wordt voorzien van stucwerk (nieuw deel met moderne nieuwe openingen) en het centrale gebouwdeel blijft behouden (metselwerk met nieuwe openingen). Het landschapsplan is nog in ontwikkeling en om invulling te geven aan de duurzaamheidsambities worden op het kruisgebouw en de kapel zonnepanelen gelegd (de bestaande dakbedekking is aan de het einde van de levensduur). De commissie reageert als volgt (conclusie): Ze spreekt de complimenten uit voor het plan. Het plan zal een aanwinst zijn voor Utrecht. De verschillende functionaliteiten, het behoud van de gevangenisstructuur en de toegankelijkheid van het complex zijn allemaal positieve aspecten. Ook vanuit duurzaamheidsoptiek is het te waarderen dat bestaand vastgoed optimaal wordt ingezet. Vanuit het oogpunt van cultuurhistorie is de opgave zeer zorgvuldig aangepakt. M.b.t. de architectonische uitwerking van de nieuwe bouwdelen is de commissie er niet van overtuigd dat het optimum is bereikt en ook de inpassing van de werkplaats roept nog veel vragen op. Ook ziet ze bij een vervolgsessie graag het landschapsplan en een verdere uitwerking van de duurzaamheidsambities tegemoet. De commissie geeft de volgende opmerkingen mee voor de verdere uitwerking: Architectuur Met betrekking tot de architectonische uitwerking van de nieuwbouw verwijst de commissie naar haar advies van 21 maart 2023. Ze raadt aan in te zetten op meer contrast, meer abstractie en op meer verschil in identiteit (muur versus nieuwbouw). Dat kan op verschillende manieren (verschil in materiaal, verschil in kleur). De toepassing van baksteen is denkbaar, maar meer abstractie zou een helderder resultaat kunnen opleveren. Ook wordt aangeraden een kleurstudie te doen. Lichte kleuren zijn in de realiteit vaak meer aanwezig dan de rendering nu suggereert. In overweging wordt gegeven om juist met donkere tinten te werken. De voorgestelde vervlechting tussen nieuwbouw en muur is niet nodig. De verspringende gevelopeningen geven juist een onrustig beeld. In het voorstel wordt de strengheid van de muur aangetast. De oorspronkelijke onderdelen van het gevangeniscomplex kunnen meer tot hun recht komen als de nieuwe onderdelen abstracter en met meer contrast worden vormgegeven. Observatorium De commissie waardeert het dat bij het maken van de uitkijkplek een historisch element als inspiratiebron heeft gediend. Wel adviseert ze de uitkijkplek ofwel meer functionaliteit te geven (en in het kader daarvan desnoods te vergroten) ofwel achterwege te laten. Het is een prachtige plek en hier valt meer uit te halen dan nu wordt voorgesteld. Het is positief dat de structuur van de luchtplaats wordt opgepakt. De historische referentie is een inspiratiebron voor de nieuwe ingreep. Maar de opbouw hoeft geen kopie te zijn. Het is vooral van belang dat de opbouw bruikbaar en functioneel is. Voorhof en binnengevels Een algemene opmerking van de commissie is dat er vrij veel gebeurt in de verschillende bouwdelen. In het voorhof is er bijvoorbeeld een optelling van snedes, kleurverschil en groen. Het brengen van een zekere diversiteit is goed, maar het bewaken van de rust is daarbij een aandachtspunt. Ter plaatse van de kapel komen erg veel elementen dicht bij elkaar. Hoewel in zichzelf subtiel vormgegeven wordt te optelsom een beetje geforceerd. De commissie adviseert ook daar naar iets meer rust en balans. Werkplaats De noodzaak van het toevoegen van de werkplaats wordt niet volledig aangetoond. De commissie merkt op dat deze toevoeging ten koste gaat van een groot stuk ‘volle grond’ in de grootste resterende hof. Het is essentieel dat de ambities van de ‘Groene Hof’ (boomgaard) worden waargemaakt, dat de werkplaats overtuigend ruimtelijk wordt ingepast en dat er voldoende afstand blijft tussen de verschillende gebouwdelen. Landschap De commissie ziet bij een vervolgsessie de verdere uitwerking van het landschapsplan tegemoet. Ze merkt op dat het lijkt alsof er in de eerste schetsen voor de buitenruimten sprake was van meer bruikbare buitenruimten in plaats van de nu getoonde groenstroken. Dit probleem wordt vergroot door de toevoeging van de ‘werkplaats’, waarvan de commissie nut en noodzaak niet overtuigend aangetoond vindt. Het landschapsplan zal moeten aantonen dat deze ruimte op een overtuigende manier kan worden ingepast. Er moet voor gewaakt worden dat er alleen ‘kijkgroen’ over blijft. Met betrekking tot de diverse trappen wordt aangeraden de ruimtelijke inpassing en vormgeving (ook met looplijnen) nader te bestuderen. In het huidige voorstel oogt het geheel wat te krap (ook de afstand tussen de gebouwen). Verder wordt aandacht gevraagd voor het uit het zicht houden van containers, fietsen, opstal die met de horeca te maken heeft etc. Het behouden van rust en ruimte is essentieel. Duurzaamheid Op het vlak van duurzaamheid zijn er nog verschillende uitdagingen. De komst van zonnepanelen is positief en gelet op de diversiteit aan functies zou het goed zijn als er uitwisseling kan plaatsvinden (avond – en daggebruik). Er is straks sprake van een kleine community en uitwisseling biedt kansen, bijvoorbeeld op het reduceren van energiegebruik maar mogelijk ook op andere vlakken. M.b.t. de nieuwbouw wordt aangeraden om het gebruik van minder milieubelastende materialen te onderzoeken. De relatie tussen duurzaamheid en erfgoed wordt zichtbaar in de plaatsing van de zonnepanelen. De commissie staat achter de komst van de zonnepanelen op het kruisgebouw en de kapel, mits er een waarborg is dat als de zonnepanelen ooit verdwijnen de daken weer in ere hersteld worden en worden voorzien van bij het monument passende leien. Het is dubbelop om in dit stadium al nieuwe leien onder de zonnepanelen aan te brengen (uitgangspunt vanuit duurzaamheidsoptiek: niet meer materialen gebruiken dan noodzakelijk). De commissie ziet de vervolgstappen met belangstelling en vertrouwen tegemoet.- Kenmerk (deze vergadering)
- VON-23-08718
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- onbekend
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/1475
-
21 mrt. 2023
Verslag, pagina 1Vooroverleg Commissie Omgevingskwaliteit voor de herontwikkeling van de gevangenis
Toon deze vergaderingVerberg deze vergadering
Samenvatting door AIDe commissie heeft vertrouwen in de hoofdopzet en waardeert de integrale aanpak. De uitgangspunten voor de mix van programma en functies worden gedeeld, en het open en toegankelijk maken van het complex heeft aanzienlijke toegevoegde waarde. Omwonenden gaven aan positief te zijn maar uitten zorgen over de omvang van de nieuwe bouwvolumes aan de zuidzijde.
Conclusie: De commissie adviseert positief over het schetsplan als basis voor de verdere uitwerking, met specifieke aandachtspunten voor de uitstraling en massa van de nieuwbouw, de binnengevels en galerijen, de vormgeving van de 'blob' op het dakterras, en de zorgvuldige integratie van zonnepanelen in het dakvlak in combinatie met hergebruik van de leien.
Brontekst1 Wolvenplein (Rijksmonument) [Binnenstad] VON-23-08718 (B) Vooroverleg Commissie Omgevingskwaliteit voor de herontwikkeling van de gevangenis Aanvraag : Levenslang/AM Ontwerp : BiermanHenket en Karres en Brands In de vergadering zijn BiermanHenket architecten aanwezig en een vertegenwoordiging van de eigenaar (Clave Vastgoed). Ook zijn enkele omwonenden en de stedenbouwkundige van de gemeente aanwezig. De commissie heeft vooraf kennisgenomen van de stukken, ze heet de aanwezigen welkom en wijst op de openbaarheid van de vergadering. Vervolgens licht de architect het voorstel toe. Uitgangspunten zijn: het herstellen van de historische structuur, het complex openen voor publiek, restauratie van de monumentale gebouwen, het herstellen van het Singelpark (groenstructuur en autovrije hoven) en het toevoegen van nieuwe bouwvolumes achter de bestaande gevangenismuren. Het betreft een transformatie van de voormalige gevangenis naar een “Dorp in de stad”. Met een mix van woonvormen (koop/huur groot/klein) en functies. Aansluitend komen verschillende thema’s aan bod (duurzaamheid, architectonische uitwerking, renovatie). Vervolgens presenteren de bezoekers (omwonenden) hun visie. Het buurtplatform Wittevrouwensingel staat positief tegenover de nieuwe bestemming, maar er zijn zorgen over de omvang van de nieuwe bouwvolumes. De insprekers vinden met name de nieuwbouw aan de zuidzijde te kolossaal en qua stijl en vormgeving niet passend op deze bijzondere locatie. Bepleit wordt dat een groot deel van het complex onzichtbaar wordt vanuit het perspectief van de Wittevrouwebrug en dat een dergelijk fors gebouw nog niet voorkomt zo pal aan het water. De voorzitter geeft aan dat de commissie een compleet beeld heeft en dankt de aanwezigen voor de toelichting. Ze reageert als volgt: De commissie heeft vertrouwen in de hoofdopzet en waardeert de integrale aanpak. De outgangspunten voor de mix van programma en functies worden gedeeld. Het is goed dat er wordt ingezet op een brede doelgroep en een breed publiek. Het open en toegankelijk maken van het complex heeft aanzienlijke toegevoegde waarde voor de stad. Ook het herstel van groenstructuren en de duurzaamheidsambities betekenen winst. Er ligt, in lijn met het raadsbesluit, een goede basis voor de verdere uitwerking. Ze besef darbij dat het een schetsplan betreft en dat er nog hard aan het ontwerp gewerkt wordt. Het betreft hier een belangrijke en grote ontwikkeling van een zeer bijzonder rijksmonument dat prominent gelegen is aan de singel. Het uitgangspunt om de structuur zoveel mogelijk te laten spreken is goed gekozen en het is ook te verantwoorden dat later aangebouwde delen gesloopt worden (opschonen). De binnenhoven die ontstaan hebben aanzienlijke toegevoegde waarde. De binnenhoven met belendende gebouwen dragen de kwaliteit. De commissie adviseert de zekere geheimzinnigheid van het complex maximaal te benutten. De geheimzinnigheid moet overeind gehouden worden en dat heeft bijvoorbeeld impact op de manier waarop gaten gemaakt worden in de muur. Vanuit de geschiedenis van het complex is het zeker denkbaar dat nieuwe volumes worden toegevoegd. Het bolwerk heeft een eigen schaal en betekenis en bevat duidelijk andere elementen dan de woonbebouwing die aan de Singel staat. Het gaat hier om elementen die de grotere delen van de stad aan elkaar rijgen. Deze plek is een uitzondering, dat was het en dat blijft het. De woningbouw is een essentieel onderdeel van het plan en draagt bij aan het verlevendigen van de plek. Uiteraard is het essentieel dat de architectonische uitwerking zodanig wordt dat er een samenhangend en aansprekend nieuw geheel ontstaat. Voor de verdere uitwerking adviseert de commissie: • De uitstraling van de nieuwe gebouwen aan te scherpen en de massa nader te bestuderen Het uitgangspunt de gebouwen een rustige uitstraling te geven wordt gedeeld, maar daarbij wordt opgemerkt dat een al te reguliere ‘woningbouwuitstraling’ voorkomen moet worden. De nieuwbouw moet een verrijking worden voor het totale ensemble en daarin overtuigen de huidige impressies nog niet. Vanuit de typologie van het complex gedacht is er ruimte voor een abstracte, ‘lichtere’ en meer moderne uitstraling (minder duidelijk afleesbaar als woningbouw). Het is de vraag of metselwerk het best passende materiaal is (ook vanuit duurzaamheidsperspectief). Volgens de commissie is ook een radicalere, duidelijk afleesbare nieuwe tijdlaag denkbaar. Het gaat hierin om het zoeken naar de juiste balans want de toevoegingen moeten tegelijkertijd een zekere vanzelfsprekendheid hebben. Ook de inzet van groene gevels is een overweging waard. Het is essentieel dat het volume los staat van de muur. Door bomen tussen de muur en het volume te plaatsen kan dit effect extra worden benadrukt. Er is een nadere studie nodig naar betekenis van de kopgevels (vorm en gevelindeling) en naar het doorbreken van de lengte van het blok (meer geleding/differentiatie). • De uitwerking van de binnengevels vraagt nog bijzondere aandacht. De galerijen komen dicht bij belangrijke onderdelen van het monument en de afstand tussen de kapel en de nnieuwbouw vraagt nog nadere studie (licht en lucht). De hekwerken zijn erg dominant aanwezig. Deze zijde is gebaat bij rust in de uitwerking. Bijvoorbeeld door de galerijen meer te integreren in het bouwvolume. • De vormgeving van de ‘blob’ op het dakterras te heroverwegen De komst van een publiek toegankelijk dak wordt gewaardeerd en dat het dak een zekere attentiewaarde krijgt is denkbaar. Qua vormgeving raadt de commissie aan voor een meer vanuit het complex voortkomende vormentaal te kiezen. Bijvoorbeeld en mooi vormgegeven ‘kooi’ of ‘luchtplaats’ of concept ‘kas bij daktuin’. Het huidige voorstel toont te veel vormwil in relatie tot de gebogen muur. • De zonnepanelen zorgvuldig te integreren in het dakvlak en de dakleien elders te gebruiken Omdat de leien aan het einde van hun levensduur zijn wordt voorgesteld op delen van het complex de leien te verwijderen en in plaats daarvan zonnepanelen toe te passen. Vanuit duurzaamheidsoogpunt is de commissie daarvan voorstander. De inpassing van de panelen luistert nauw. De commissie ziet hiervan de exacte uitwerking tegemoet (het referentiebeeld met horizontale belijning spreekt aan). Ze raadt ook aan de leien op de locatie te hergebruiken. Bijvoorbeeld in de gevels van de nieuwbouw. De commissie komt tot een afgewogen advies en naast waardering heeft ze ook haar aandachtspunten benoemd. Ze ziet de vervolgstappen tegemoet en afsluitend bepleit ze nog de geschiedenis van de plek op zoveel mogelijk manieren zichtbaar te houden (elementen, artefacten) zodat de ziel van de plek voort kan leven.- Kenmerk (deze vergadering)
- VON-23-08718
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- onbekend
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/982