Groenewoud
Vooroverleg over de relatie tussen het supervisieteam en COU voor de planbeoordeling van Groenewoud, waar circa 1650 woningen verspreid over 4 buurten gepland zijn.
- Gevonden adres
- groenewoudsedijk
- Locatie
- locatie bij benadering — alleen straat Toon op kaart
- Coördinaten
- 52.07667116, 5.07947131
Vergaderingen (4)
-
12 mei 2026
Verslag, pagina 1Deelplan 3 en 4 in de gebiedsontwikkeling Groenewoud, betreffende een robuuste en kloeke baksteenarchitectuur met variatie in woningtypen en oriëntatie.
Samenvatting door AIDe commissie is enthousiast over de samenhang tussen deelgebied 3 en 4. Ze plaatst kanttekeningen bij bouwdeel F en G, de ruimte daartussen en de tuinmuren, en verzoekt om herziening hiervan. Ook vraagt ze aandacht voor het inrichtingsplan, duurzaamheid en een hogere kwaliteit voor het appartementengebouw (gebouw G).
Conclusie: De commissie brengt een positief advies uit over deelplan 3 onder voorwaarden (verwerking van opmerkingen uit kwaliteitsteam 19 december 2025 en inrichtingsplan ter beoordeling). Voor deelplan 4 kan ze zich grotendeels vinden in het voorstel, behoudens bouwdeel G, de ruimte tussen bouwdeel F en G en de tuinmuren, waarvoor het ontwerp herzien moet worden.
Brontekst1. Groenwoud deelplan 3 en 4 CvB 0049483 Vooroverleg Ontwerp en toelichting : CRKL architecten Aanwezig : Eline Slot, Désirée de Jonge Gespreksverslag De architect, de opdrachtgever, de projectleider en de supervisor zijn in de vergadering aanwezig en geven een toelichting op de deelplannen 3 en 4 in de gebiedsontwikkeling Groenewoud. In de voorbespreking heeft de commissie kennisgenomen van het advies van de supervisor. De architect geeft een toelichting op het ontwerp. Uitgangspunt is deelplan 3 en 4 is samenhang in de architectonische uitwerking. Het betreft een robuuste en kloeke baksteenarchitectuur die reageert op de lokale context. Er is variatie in woningtypen (huur/koop) en variatie in oriëntatie (woonstraat, parkzijde, stedelijke as). Kenmerk is het spel in de diepte van neggen. Het betreft een autoluwe woonwijk en het landschappelijk ontwerp volgt. Voor deelplan 3 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend (0049483). De aanvraag voor deelplan 4 volgt spoedig. Beide aanvragen betreffen het ‘Ruimtelijk deel’. De technische uitwerking volgt later. Conclusie: De commissie brengt een positief advies uit over deelplan 3. Ze stelt daarbij de voorwaarde dat de opmerkingen die gemaakt zijn in het kwaliteitsteam van 19 december 2025 in de technische uitwerking worden verwerkt. Deze hebben betrekking op de steenkeuze, het ontwikkelen van eventuele uitbreidingsopties en het leesbaarder maken van de verschillende gebouwen zonder de ensemblewerking te ontkrachten. Een middel hiervoor is het subtiel aanbrengen van verticale geleding. Ook dient het inrichtingsplan ter beoordeling te worden voorgelegd. De commissie kan zich grotendeels vinden in het voorstel voor deelplan 4, behoudens bouwdeel G, de ruimte tussen bouwdeel F en G en de tuinmuren. Ook is z.s.m. zicht op de structuur van het inrichtingsplan nodig. Voor deze onderdelen adviseert de commissie het ontwerp nog te herzien. Over de overige bouwdelen is het advies positief.- Kenmerk (deze vergadering)
- 0049483
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- kwaliteitsteam van 19 december 2025
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/2133
-
26 nov. 2024
Verslag, pagina 1Vooroverleg over het beeldkwaliteitsplan (BKP) Papendorp Noord - de Taats voor woningbouw.
Toon deze vergaderingVerberg deze vergadering
Samenvatting door AIDe commissie kan zich vinden in de hoofdopzet en noemt het een gedegen BKP. Er worden aanbevelingen gedaan over onder andere materialisatie (meer ruimte voor hout en biobased materialen), de identiteit van het gebied als eiland, de variatie en menselijke schaal van stadsblokken, de inzet van tenders op kwaliteit en duurzaamheid, de inrichting van de binnenhoven met substantieel groen en bomen, en het uitbreiden van de duurzaamheidsparagraaf.
Brontekst1. BKP Papendorp Taats CvB Vooroverleg over het beeldkwaliteitsplan Papendorp Noord- de Taats Toelichting : Désiree de Jonge Toelichting : Toon van Nuland (projectleider gemeente Utrecht) Mevrouw de Jonge (supervisor Papendorp) en de heer Van Nuland (projectleider) zijn in de vergadering aanwezig om het Beeldkwaliteitsplan (BKP) voor de woningbouw in Papendorp Noord met de commissie te bespreken. Het document wordt nog aangevuld met ambities en randvoorwaarden voor de mobiliteitshub en er is ook nog ruimte om opmerkingen van de commissie te verwerken. Het is de bedoeling het BKP half december in routing te brengen (voor de zomer van ’25 in de gemeenteraad). De commissie reageert als volgt: Ze kan zich vinden in de hoofdopzet. Het betreft een gedegen BKP dat een bruikbaar handvat biedt in de begeleiding en toetsing van bouwplannen. De commissie geeft een aantal aanbevelingen voor de afronding van het document. Met betrekking tot de materialisatie en de gewenste sfeer c.q. uitstraling raadt de commissie aan vanuit de doelstelling te redeneren. Er wordt bewust gekozen een woonomgeving te creëren met ‘warmte’ en een ‘woongevoel’. Die doelstelling wordt omarmd en baksteen is daartoe een beproefd materiaal. Maar de commissie raadt aan ook ruimte te bieden voor bijvoorbeeld hout. Biobased materialen zijn nu omschreven als kers op de taart, maar in de toekomst zijn biobased materialen de norm. Er moet ruimte blijven voor het experiment. Dit raakt ook de vraag hoe Papendorp wordt gezien (stedelijk, buitenstedelijk, nieuw centrum etc.). Aangegeven wordt dat Papendorp een ‘eiland’ is tussen de snelwegen en het kanaal en dat er rekening gehouden moet worden met de uitstraling van de bestaande kantoorbebouwing in het gebied. De commissie raadt aan doelen te omschrijven en ook een zekere vrijheid te bieden. Het is een ‘eiland’ en het gebied mag zich onderscheiden (dat kan ook juist het visitekaartje zijn…). Het doel om gevarieerde stadsblokken te maken is goed. Het steeds zoeken naar de menselijke schaal is een goed streven. Dat kan op meerdere manieren (parcelleren, materiaal – en kleurwisselingen, door te werken met verschillende architecturen, bijvoorbeeld door te werken met verschillende architecten etc.). De verdeling van de blokken blijft ook aan de binnenzijde zichtbaar. Met betrekking tot de tenders roept de commissie op om ‘kwaliteit’ en grote rol te geven in de beoordeling en dat zowel in het kaliber van de beoordelaars als in het gewicht van de puntentelling tot uitdrukking te laten komen. Het is bovendien belangrijk onderwerpen als duurzaamheid (circulariteit) en groen (landschapsplan en natuur-inclusiviteit) te adresseren in de tenders. Bijzondere en/of innovatieve ontwerpen kunnen Papendorp verder op de kaart zetten. Bij de binnenhoven wordt de suggestie gedaan om voldoende helder in het document weer te geven wat de groene kamers precies zijn. In het huidige voorstel lijkt er om de groene kamers heen veel verharding aanwezig. Door in de plankaart te werken met verschillende groentinten blijkt dat de ruimte om deze kamers heen natuurlijk ook groen mag zijn. Er is zoveel mogelijk substantieel groen gewenst (uitgangspunt). Bij de verdere uitwerking van het inrichtingsplan wordt aandacht gevraagd voor de komst van bomen van de eerste orde in de volle grond (dat borgen). Grotere bomen bieden beschutting, privacy, vergroening en een aangenaam microklimaat. Daarnaast wordt aandacht gevraagd voor het windklimaat, bijvoorbeeld door ook in de zijstraten voldoende bomen te planten. Het wordt gewaardeerd dat de hoven poorten hebben. Dit is gunstig voor de kruipende dieren. De duurzaamheidsparagraaf is nog minimaal. Aangegeven wordt dat er in de tenders verwezen wordt naar ander gemeentelijk beleid en dat een tender daar ook op wordt beoordeeld. De commissie geeft in overweging hoofduitgangspunten uit de andere beleidsstukken op te nemen. Er is een spannend blok in wording. De commissie ziet de vervolgstappen tegemoet.- Kenmerk (deze vergadering)
- geen
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- onbekend
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/1410
-
29 okt. 2024
Verslag, pagina 3Commissie informeren over kaders, BKP en stedenbouwkundig plan
Toon deze vergaderingVerberg deze vergadering
Samenvatting door AIDe commissie wordt geïnformeerd over de ontwikkeling van Groenewoud/Papendorp en de ondersteuning van de supervisor. Er worden procesafspraken en aandachtspunten meegegeven, waaronder de inrichting van de openbare ruimte, fasering van de werkzaamheden en biodiversiteit langs de kanaalzone.
Brontekst3. Groenewoud CvB Commissie informeren over kaders, BKP en stedenbouwkundig plan Aanwezig : Desiree de Jong Gespreksverslag Voor de ontwikkeling van Groenewoud/Papendorp wordt de supervisor ondersteund door twee leden van de commissie (landschap en architectuur). De leden worden in kennis gesteld van de vastgestelde kaders (stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan). Plannen worden voorgelegd aan de commissie zodra het kwaliteitsteam de plannen daartoe rijp acht. De eerste bijeenkomst is op 6 december 2024. Na een jaar zal de werking van het kwaliteitsteam worden geëvalueerd.. Op voorhand zijn er de volgende vragen: Aangeraden wordt de procesafspraken aan te vullen. Het gaat hierbij over de wijze waarop aanvragen worden ingediend, of en op welk moment er een ‘Omgevingsoverleg c.q. Omgevingstafel’ wordt aangevraagd, de omvang van de toetsing in de projectgroep (ook duurzaamheid?), de verslaglegging van de vergaderingen etc. De commissie (of het kwaliteitsteam) wil graag een toelichting op het plan voor de openbare ruimte. Deze toelichting zal helpen bij de advisering over de verdere uitwerking. Ze vraagt daarbij ook aandacht voor de fasering van de werkzaamheden. Is het bijvoorbeeld al mogelijk om het centrale park aan te leggen zodat bomen al tot wasdom kunnen komen? Ze vraagt op voorhand aandacht voor de biodiversiteit langs de kanaalzone.- Kenmerk (deze vergadering)
- geen
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- onbekend
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/1381
-
6 feb. 2024
Verslag, pagina 1Vooroverleg over de relatie tussen het supervisieteam en COU voor de planbeoordeling van Groenewoud, waar circa 1650 woningen verspreid over 4 buurten gepland zijn.
Toon deze vergaderingVerberg deze vergadering
Samenvatting door AIDe supervisor licht de stedenbouwkundige uitgangspunten, beeldkwaliteit, en de vier buurten (KWS buurt, Mercatorbuurt, Pyloonbuurt, Dijkbuurt) toe. De commissie bespreekt het proces van begeleiding en toetsing onder de Omgevingswet, merkt op dat het huidige beeldkwaliteitsplan een beperkt beoordelingskader biedt en verzoekt om actualisatie op thema's als duurzaamheid, circulariteit en biodiversiteit. Tevens wordt aandacht gevraagd voor de adressering aan het Amsterdam-Rijnkanaal, de samenhang in de Pyloonbuurt en de architectenverdeling.
Brontekst1. Groenewoud CvB Vooroverleg over de relatie tussen het supervisieteam en COU voor de planbeoordeling van Groenewoud Aanvraag : Gemeente Utrecht Toelichting : supervisor Désirée de Jonge (Wissing) Gespreksverslag Mevrouw De Jonge (supervisor Papendorp, vanuit bureau Wissing) is in de vergadering aanwezig om met de commissie van gedachten te wisselen over de begeleiding van bouwplannen en de toetsing daarvan in Groenewoud. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is de reikwijdte van de advisering door de commissie verbreed. In de vergadering wordt een voorstel besproken voor de afstemming tussen de supervisor en de commissie. Mevrouw de Jong geeft inzicht in de opgave, de stedenbouwkundige uitgangspunten en de uitgangspunten voor beeldkwaliteit. Het bestemmingsplan, inclusief de beeldkwaliteitsparagraaf, is inmiddels in procedure. In Groenewoud komen circa 1650 woningen verspreid over 4 buurten. Als onderlegger voor het stedenbouwkundige plan is de slagenstructuur opgepakt. Vanuit de straten is er zicht op het kanaal. Bebouwingsaccenten met een variërende hoogtebouw zijn voorzien aan de randen. Richting het kanaal is er minder hoge bebouwing en meer groen. De buurten hebben een eigen thematiek. De KWS buurt (industriële sfeer, grote volumes in baksteen), Mercatorbuurt (stedelijke buurt, autoluw, wonen aan straat), Pyloonbuurt (architectonische accenten, gedifferentieerde bebouwing), Dijkbuurt (lagere bebouwing, samengestelde blokken). Het parkeren vindt plaats in de ‘mobiliteitshub’. Hierdoor is er een lagere parkeernorm in de openbare ruimte. In de presentatie wordt ook inzicht gegeven in de inrichting van de openbare ruimte. Naast Groenewoud wordt er gewerkt aan de gebiedsontwikkeling Papendorp Noord. Hier komen 2000 woningen en een mobiliteitshub met circa 2000 parkeerplaatsen en fietsparkeerplaatsen. De commissie reageert als volgt: Proces M.b.t. het proces van begeleiding en toetsing wil de commissie graag in een vervolggesprek (in klein comité) doorpraten. In navolging op de kennismaking met alle supervisoren (9 januari j.l.) stelt de commissie voor eerst de ‘typen’ supervisie die er nu zijn binnen de gemeente op een rij te zetten en deze te structureren naar bijvoorbeeld maximaal 3 werkwijzen. Daar horen dan uiteindelijk ook protocollen bij. Het is in ieder geval positief dat er voor deze opgave al gewerkt wordt aan een concreet voorstel. De vraag is of het voorstel dat voorligt één van de toekomstige types kan zijn. Dat zal naar aanleiding van de inventarisatie moeten blijken. De commissie raadt in ieder geval inhoudelijk aan om ook de DO-fase voor te leggen aan de commissie. Juist ook deze fase vraagt veel aandacht in de begeleiding. De commissie wil graag objectief meedenken en ondersteunen en kan ook fungeren als klankbord (eventueel via het vrijdagoverleg). Ze wijst erop dat in de Merwedekanaalzone 2 supervisoren zijn aangesteld, naast een toetsteam en een breed kwaliteitsteam. In het kwaliteitsteam Merwede hebben twee commissieleden zitting om te borgen dat de uiteindelijke advisering door de commissie soepel verloopt. De verwachting is dat er ook aanpassingen in de stedenbouwkundige opzet te verwachten zijn, gedurende de ontwikkelfases. Het idee is dat deze ruimte door architect en supervisor in dialoog wordt verkend. Het lijkt dan het meest voor de hand liggend dat bij aanvang van een fase of deelopgave de supervisor bij de commissie toelichting komt geven. De reactie van de commissie (essentie deelplan en wat zijn de aandachtspunten) kan dan ook worden meegenomen in de uitvraag/ kick of van de fase. Bij voorkeur vóórdat de architecten aan boord zijn. Dan kan ook de integraliteit van de commissie optimaal worden benut. Inhoud Inhoudelijk is de commissie van mening dat het huidige beeldkwaliteitsplan slechts een beperkt beoordelingskader biedt. Daardoor wordt in de begeleiding van plannen veel inspanning gevraagd. Heldere kaders bieden houvast bij toetsing. Ruimere kaders vragen meer in de begeleiding van plannen en in afstemming en overdracht naar de commissie (communicerende vaten). De commissie vraagt naar de ruimte die er nog is om wijzigingen aan te brengen. Ze is van mening dat het document geactualiseerd zou moeten worden. Sinds het opstellen van het document zijn de tijden veranderd. Er worden paragrafen gemist m.b.t. duurzaamheid, circulariteit, biodiversiteit en ecologie. Er zijn in 2018 op deze thema’s wel ambities geformuleerd, maar de commissie roept op om daar met de ogen van nu naar te kijken (desnoods vooralsnog in niet-afdwingbare zin). De commissie vraagt bijzondere aandacht voor: • De adressering van de woningen aan het Amsterdam-Rijnkanaal. Bijzondere zorg vragen de gevels die gericht zijn naar het kanaal. Aan de andere zijde van het water zijn de woningen duidelijk georiënteerd op het water. Ook aan deze zijde wordt dat aangeraden. Het wonen aan het water biedt een enorme kwaliteit. De commissie geeft op voorhand aan dat kopgevels met enkele vensters hier niet toereikend zijn (en een gemiste kans zouden betekenen). • De samenhang in de Pyloonbuurt (eerste fase). Dit is een kleine buurt die op veel verschillende ruimtelijke onderdelen reageert (water, brug, perceelvorm, hoogteverschil etc.). Het is een complexe opgave een zekere samenhang aan te brengen in dit plandeel en de toegankelijkheid van de brug te optimaliseren. Hiervoor wordt bijzondere aandacht gevraagd. • De architectenverdeling. Ze raadt aan goed te letten op de variatie en de diversiteit. Het helpt als er binnen een blok met meerdere architecten gewerkt kan worden. Dit heeft impact on de uiteindelijke identiteit.- Kenmerk (deze vergadering)
- geen
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- onbekend
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/1052