Geen adres
Bijpraten over Merwede CvB - Voortgang in de gebiedsontwikkeling Merwede
- Gevonden adres
- onbekend
- Locatie
- onbekend
- Coördinaten
- onbekend
Vergaderingen (1)
-
25 nov. 2025
Verslag, pagina 1Bijpraten over Merwede CvB - Voortgang in de gebiedsontwikkeling Merwede
Samenvatting door AIDe projectmanager, supervisor en de voorzitter van het Kwaliteitsteam Merwede informeren de commissie over de voortgang in de gebiedsontwikkeling Merwede, inclusief de eigendomssituaties, kaders, sturing en kwaliteitsbewaking. Er is gesproken over regels en kaders, conceptueel niveau, installaties, de CO2-tool en de openbare ruimte.
Conclusie: Geen concreet welstandsbesluit, het betrof een informatie- en besprekingsonderwerp over de gebiedsontwikkeling.
Brontekst1. Kwaliteitsteam Merwede. Bijpraten over Merwede CvB Aanvraag : Gemeente Utrecht Toelichting : Marco Broekman (supervisor) en Marc Reniers (voorzitter Q-team) Aanwezig Gemeente : Niel Glas (projectmanager) Gespreksverslag De projectmanager, supervisor en de voorzitter van het Kwaliteitsteam Merwede zijn in de vergadering aanwezig om de commissie te informeren over de voortgang in de gebiedsontwikkeling Merwede. Er wordt inzicht gegeven in de eigendomssituaties, de door de gemeenteraad vastgestelde kaders (Stedenbouwkundig plan en Beeldkwaliteitsplan) en in de sturing en kwaliteitsbewaking. In het gebied worden 18 bouwblokken gerealiseerd, bestaande uit circa 200 panden. Er is bijzondere aandacht voor gezond stedelijk leven (incl. klimaatadaptatie en biodiversiteit met circa 6000 nestplekken), social design (het bouwen van een gemeenschap), energie en circulariteit. De sturing van de ontwikkeling vindt plaats op basis van een (publiek-private) samenwerkingsovereenkomst volgens het motto ‘Zelfstandig wat kan, samen wat moet’. Initiatieven en plannen worden begeleid en getoetst door de supervisoren, het Checkteam (‘boekhoudkundig’ team) en het Kwaliteitsteam. Het Kwaliteitsteam is integraal en liep daarmee vooruit op de geïntegreerde toetsing in de Commissie Omgevingskwaliteit Utrecht (COU). In het Kwaliteitsteam zijn dezelfde disciplines aanwezig als in de COU, aangevuld met een adviseur op het thema ‘Stad op ooghoogte’. Eén van de architectleden van de COU is lid van het Kwaliteitsteam zodat er een relatie is tussen de beide toetsteams. De secretaris van de COU is bij de behandeling van DO-plannen aanwezig in verband met de uiteindelijke toetsing van de aanvraag om omgevingsvergunning door Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH). De commissie adviseert het stadsbestuur over de aanvragen om Omgevingsvergunning en betrekt het advies van het Kwaliteitsteam in haar eindadvies (c.q. neemt dit in de regel een-op-een over). Om invulling te geven aan het duurzaamheidsthema wordt er gewerkt met het ‘Merwedelab’. Met het Merwedelab wordt gewerkt aan innovatie op het vlak van integrale duurzaamheid. Op dit moment zijn er circa 2700 woningen in aanbouw en het is de planning dat vanaf de zomer 2027 de eerste woningen opgeleverd gaan worden. Er wordt inzicht gegeven in de Nota van uitgangspunten voor fase 2 en de commissie wordt geattendeerd op het document met ‘de geleerde lessen’ (dit document zal worden nagezonden). Merwede wordt gekenmerkt door een diversiteit in architectuur per blok. Aangegeven wordt dat die diversiteit het beste bereikt wordt door te werken met verschillende architecten. Voor de inrichting van de openbare ruimte wordt samengewerkt met Lola Landscape Architects. Kenmerk is zo min mogelijk auto’s in het plangebied en een zo radicaal groene openbare ruimte (‘één ontwerp, één vloer’). De supervisor en de voorzitter van het Kwaliteitsteam gaan met de commissie in gesprek over verschillende onderwerpen (uitwisseling van ervaringen). • Regels en kaders (balans tussen sturen, wegen en loslaten) Het stedenbouwkundig plan biedt enerzijds vrijheid en anderzijds zijn er veel ‘spelregels’. In de praktijk blijken de ontwikkelaars graag zekerheid te willen hebben en kiezen voor het letterlijk volgen van de spelregels. Ontwikkelaars moeten ruimte kunnen nemen om te kunnen excelleren op bijvoorbeeld één aspect. Het Kwaliteitsteam heeft ruimte om integraal af te wegen en af te wijken zodat er meer uitgesproken ontwikkelingen mogelijk zijn. Afzonderlijk zijn de regels wel haalbaar, maar de combinatie blijkt vaak vrijwel onmogelijk. De commissie ziet hierin een interessante en leerzame aanpak die waardevol is voor de gemeente en die strookt met de werkwijze in de commissie (multidisciplinair team die weging maakt tussen de verschillende aspecten (stedenbouw, landschap, duurzaamheid, architectuur)). • Conceptueel niveau Gezamenlijk wordt geconstateerd dat het kwaliteitsniveau hoog is. Er is variatie en rijkdom in architectuur en in plastiek. Het is een knappe prestatie om in deze dichtheden een prettige woonomgeving met een menselijke maat te creëren. Variatie versterkt de leesbaarheid. De gemiddelde kwaliteit van de woningen is hoog (uitzicht, licht, buitenruimtes etc.). Het is positief dat met een omgevingspsycholoog gewerkt wordt aan de sociale aspecten (hoe kom je thuis, is het sociaal veilig, zijn er voldoende verblijfsplekken, de transformatie van fietsenstalling naar ‘fietsenkamer’ met een huiskamergevoel etc.). Het valt de commissie op dat dit gebied minder wordt gedomineerd door balkons die uit het gevelvlak steken dan in andere grootschalige woningbouwontwikkelingen. Kennelijk is het hier gelukt om het toepassen van (duurdere) inpandige balkons effectief af te dwingen in de stedenbouwkundige kaders. Ze adviseert om dit in de stedenbouwkundige kaders voor toekomstige ontwikkelingen in de stad, in navolging van Merwedekanaalzone, goed te borgen. • Installaties De commissie is enthousiast over de aanpak van de binnentuinen, het gevelgroen en met name de inrichting van de daken. Ze constateert, stadsbreed, dat installaties in de toetsing van bouwplannen vaak een onderbelicht onderdeel zijn. Het komt voor dat de installaties in een later stadium pas worden uitgewerkt (en zelfs pas na oplevering worden aangebracht) en dat kan een zeer verstorende invloed hebben op de beeldkwaliteit. Het is essentieel dat installaties in plattegronden, doorsneden en gevelaanzichten, liever nog in 3D, worden aangegeven. In dergelijk dichtbebouwde gebieden, waarin veel hoogteverschillen tussen de gebouwen zijn, is het essentieel het dak te benaderen als ‘vijfde gevel’. • ‘C02- tool’ Op het vlak van duurzaamheid blijft het een zoektocht naar innovatie en naar het bereiken van de doelen die verder gaan dan de wettelijke vereisten (BENG en MPG). De commissie herkent dit in de toets van bouwplannen in de rest van de stad. Naast enthousiasmeren en inspireren biedt de CO2-tool volgens het Kwaliteitsteam mogelijkheden om te kunnen sturen. Momenteel zijn de kaders om de ambities die de stad heeft op dit vlak (stadsbreed) nog niet toereikend. Het verdient aanbeveling om te onderzoeken hoe op het snel ontwikkelende vlak van duurzaamheid in de (nabije) toekomst kan worden gewerkt met ‘meegroeiende randvoorwaarden’. • Openbare ruimte De commissie is geïnteresseerd in de manier waarop men grip houdt op de openbare ruimte en op de blijvende toegankelijkheid van de binnenhoven. Aangegeven wordt dat de binnentuinen verplicht openbaar toegankelijk zijn en dat dit is vastgelegd in de contracten en in de vergunning (met een kettingbeding). Dit zou volgens de commissie ook bij andere ontwikkelingen in de stad een goede aanpak kunnen zijn. Afsluitend wordt gesproken over de factoren die Merwede tot een succes maken. De aanwezigen geven aan dat dit voortkomt uit het grondeigendom, de contracten, de intense begeleiding in alle fase en in de constructieve en oplossingsgerichte aanpak om in alle opgaven mee te denken. Ook het expliciet gecommuniceerde hoge ambitieniveau draagt hieraan bij: het is voor ontwikkelaars een erezaak geworden om met een geslaagd project aan dit gebied bij te dragen.- Kenmerk (deze vergadering)
- geen
- Verwijzing naar eerdere vergadering
- onbekend
- Brondocument
- https://welstandutrecht.nl/documenten/1744